Twaalfminners

Grenzen verkennen hoort bij het opgroeien van kinderen. Als onschuldig experimenteren verandert in strafbaar gedrag, spreken we echter van jeugdcriminaliteit. Twaalfminners zijn kinderen onder de twaalf jaar die vanwege dergelijk regelovertredend gedrag in aanraking gekomen zijn of dreigen te komen met politie en justitie.

Aard en omvang

Dat er jonge kinderen zijn die delicten plegen, lijdt geen twijfel. Maar om hoeveel kinderen het precies gaat, valt niet een-twee-drie aan te geven. De reden hiervoor is dat kinderen jonger dan twaalf jaar niet strafrechtelijk worden vervolgd. Tot voor kort heeft dit ertoe geleid dat bij de politie criminaliteit door jonge kinderen niet of onvolledig wordt geregistreerd. Met ingang van 2010 komt hier verandering in: ook twaalfminners zullen in de politieregistratie worden opgenomen.

Zelfrapportageonderzoek (waarbij aan de kinderen zelf aanvullende informatie over delinquent gedrag wordt gevraagd) vindt bij jonge kinderen slechts incidenteel plaats en bovendien over slechts kleine groepen. Het blijft dus enigszins gissen naar omvang en ernst. Ook hierin komt in 2010 verandering: in het eerstvolgende zelfrapportageonderzoek zal een representatieve groep jonge kinderen worden meegenomen.

Wat wel bekend is, is dat crimineel gedrag van kinderen een signaal kan zijn voor crimineel gedrag in de toekomst. In het rapport Signalen voor toekomstig crimineel gedrag wordt geconcludeerd dat risicokinderen vaak al voor het twaalfde jaar signalen afgeven die kunnen wijzen op de ontwikkeling van later ernstig crimineel gedrag. Vroegtijdig ingrijpen is belangrijk bij de aanpak en het voorkomen van jeugdcriminaliteit, omdat de kans op gedragsverandering dan het grootst is.

Rijksbeleid

Veiligheid begint bij Voorkomen

Het terugdringen van jeugdcriminaliteit hoort bij het voornemen van het kabinet om de criminaliteit met 25 procent terug te dringen in de periode 2002-2010. Speciale aandacht is er voor de groeiende groep 12-minners die overlast veroorzaakt of zich schuldig maakt aan crimineel gedrag. Het project 'Veiligheid begint bij Voorkomen' omvat maatregelen die een bijdrage moeten leveren aan het verminderen van criminaliteit en overlast.

Ministerie van Justitie

Programma 'Aanpak jeugdcriminaliteit'

De maatregelen om de jeugdcriminaliteit in te perken vallen onder het programma 'Aanpak jeugdcriminaliteit' van het ministerie van Justitie. Doel is om het aantal jongeren dat recidiveert terug te dringen van bijna 60 procent in 2002 naar 50 procent in 2010. Het programma bestaat uit vier projecten: Vroegtijdig ingrijpen. Het verbeteren van een op de persoon toegesneden sanctie. Snelle en consequente tenuitvoerlegging van sancties. Passende nazorg.

Project 'Aanpak 12-min'

Binnen de aanpak van jeugdcriminaliteit vormen de 12-minners een bijzondere groep en krijgen daarom ook bijzondere aandacht. In september 2008 hebben de ministers van Justitie en Jeugd en Gezin een brief aan de Tweede Kamer gestuurd over hun gezamenlijke voornemens voor het 12-min beleid. Een aantal van de daarin aangekondigde maatregelen zijn inmiddels in gang gezet. Zo worden vanaf 2010 de 12-minners door de politie beter geregistreerd, ouders worden nadrukkelijker op hun verantwoordelijkheid aangesproken als hun kinderen met politie in aanraking komen, er wordt gewerkt aan een beter op elkaar aansluitende aanpak van politie en BJZ, wordt het mogelijk om de kinderbijslag op te schorten als ouders zich niet aan de aanwijzingen van een gezinsvoogd houden en zal de burgemeester binnenkort in buurten met ernstige overlast ook een straatverbod aan 12-minners op kunnen leggen.

Programmaministerie voor Jeugd en Gezin

Het programmaministerie voor Jeugd en Gezin concentreert zich op het voorkómen van jeugdcriminaliteit. Belangrijke activiteiten de komende jaren zijn: kennis verspreiden over de risicofactoren van jeugdcriminaliteit. Met het bestuur van de grote steden overleggen of de verschillende instrumenten voor het voorkómen van jeugdcriminaliteit voldoen. Bij deze instrumenten wordt uitgegaan van: vrijwillig - drang - dwang.

Rol gemeente

In Nederland geldt dat twaalfminners niet strafrechtelijk worden vervolgd. Twaalfminners bleven om die reden tot voor kort, gemakkelijk buiten beeld van de officiële instanties. Regelovertredend, antisociaal of anderszins problematisch gedrag van jonge kinderen werd geacht een kwestie te zijn die vooral door ouders en andere opvoeders, de school en (eventueel) de politie moesten worden opgelost. Een antisociale twaalfminner kan later echter wel tot een jeugdige veelpleger verworden. Ouders en school kunnen deze problemen lang niet altijd alleen oplossen, daar is vaak hulp bij nodig. Daarom is het van belang om ook voor deze groep een aanbod te ontwikkelen. De regierol van de aanpak ligt bij gemeenten.

Rol politie

Hoewel kinderen beneden de twaalf niet strafrechtelijk vervolgd worden, betekent dit niet dat er niet kan worden ingegrepen. Zo kan de politie ouders van jonge kinderen verwijzen naar de vrijwillige hulpverlening. In ernstiger gevallen moet de politie Bureau Jeugdzorg informeren en die kan op zijn beurt besluiten nader onderzoek te doen. In uiterste geval kan de Raad voor de Kinderbescherming bij de kinderrechter een verzoek indienen om een kinderbeschermingsmaatregel op te leggen. Met ingang van 1 januari 2010 worden alle kinderen die jonger zijn dan twaalf jaar en een delict plegen, standaard gemeld bij Bureau Jeugdzorg. Het voordeel van deze aanpak is dat ouders beter betrokken worden bij de problematiek van hun kind en eventuele risicosignalen sneller kunnen worden opgemerkt en aangepakt.

Links